Schoolvakanties verschillen per Bundesland omdat onderwijs in Duitsland grondwettelijk een zaak van de zestien deelstaten is, de zogeheten Kulturhoheit der Länder. Elke deelstaat heeft een eigen ministerie van onderwijs dat zijn eigen vakantiekalender vaststelt. Alleen de zomervakantie wordt centraal afgestemd en bewust over de deelstaten gespreid; de herfst-, kerst-, paas- en pinkstervakanties bepaalt elke deelstaat zelf, waardoor die in datum en lengte uiteenlopen.
Onderwijs valt grondwettelijk onder de deelstaten
De bevoegdheid over onderwijs ligt in Duitsland bij de Länder, niet bij de federale overheid. Deze Kulturhoheit is verankerd in de federale staatsordening en geeft elk van de zestien deelstaten een eigen Kultusministerium dat lesplannen, examens en de schoolkalender regelt. De vakantieverschillen zijn daarmee geen toeval, maar een rechtstreeks gevolg van de federale structuur: zestien wetgevers betekent zestien kalenders.
Die ordening dateert uit de naoorlogse opbouw van de Bondsrepubliek, waarin onderwijs bewust bij de deelstaten werd belegd om centrale sturing van het schoolsysteem te voorkomen. De Kultusministerkonferenz, het overlegorgaan van de zestien onderwijsministers, harmoniseert sindsdien op vrijwillige basis wat afstemming vergt, maar laat de bevoegdheid bij de Länder.
Alleen de zomervakantie wordt centraal afgestemd
Van alle vakanties coördineert de Kultusministerkonferenz uitsluitend de zomervakantie. Die wordt regionaal gestaffeld en voor langere termijn vastgelegd, zodat de deelstaten niet tegelijk met zomervakantie gaan. De overige vakanties vallen volledig onder de afzonderlijke deelstaten, die ze los van elkaar inplannen. Het resultaat is dat twee aangrenzende deelstaten in dezelfde week kunnen verschillen in zowel het begin als de duur van een vakantie.
Herfst-, kerst-, paas- en pinkstervakanties lopen het sterkst uiteen
De niet-gecoördineerde vakanties tonen de grootste verschillen, omdat geen enkel orgaan ze op elkaar legt. De herfstvakantie varieert per deelstaat in week en lengte, de kerstvakantie schuift afhankelijk van de plaatselijke kalender, en de paasvakantie verschilt in zowel timing als duur. De pinkstervakantie bestaat bovendien niet overal: enkele deelstaten kennen een aaneengesloten pinkstervakantie, andere geven rond Pinksteren slechts losse vrije dagen.
De zuidelijke deelstaten volgen een eigen ritme
Beieren en Baden-Württemberg wijken het duidelijkst af doordat zij een vaste pinkstervakantie kennen en hun zomervakantie traditioneel als laatste valt. Die combinatie verschuift hun hele tweede schoolhelft ten opzichte van de noordelijke deelstaten. De achtergrond is het waarborgen van een voldoende lange les- en examenperiode tussen de pinkster- en de zomervakantie, wat de zomervakantie in het zuiden structureel naar achteren schuift.
Anders dan de Nederlandse aanpak
Waar Duitsland zestien eigen kalenders kent, werkt Nederland met één landelijke kalender en verdeelt het alleen de zomervakantie over drie regio's, die de rijksoverheid centraal vaststelt. Het Duitse model spreidt dus over zestien deelstaten met eigen bevoegdheid, het Nederlandse over drie centraal bepaalde regio's. Waarom Duitsland de zomervakantie tussen de deelstaten laat rouleren, staat in de uitleg over de zomerrotatie; de Nederlandse variant in de uitleg over de regio-indeling. De actuele Duitse vakantieperioden staan op de pagina over schoolvakanties in Duitsland.